Toen ik zwanger was, hebben JW en ik het vaak gehad over wat wij belangrijk vonden aan de opvoeding van ons toekomstige kind. We wisten natuurlijk al dat we allebei ongeveer hetzelfde setje normen en waarden vanuit onze eigen ouders hebben meegekregen, dus dat opvoeden zou wel goed komen. Nu we bijna 4 jaar verder zijn, snappen we wel dat je er met normen en waarden alleen niet komt. Daarover gaat dit artikel.

normen en waarden

Normen en waarden: even opfrissen

Er zijn binnen een (sub)cultuur heel veel ongeschreven regels met normen waarnaar we ons gedragen. Die krijg je van huis uit mee en die geef je ook weer door aan je kind. De meeste mensen tenminste 😉

Een paar voorbeelden:

  • Norm: als er iemand valt, help je hem of haar weer overeind
    Waarde: behulpzaamheid
  • Norm: als je iemand ontmoet, geef je een hand en stel je jezelf voor
    Waarde: beleefdheid
  • Norm: als je iets van iemand hebt geleend, geef je dat ook weer terug
    Waarde: respect of verantwoordelijkheid

Anyway, je snapt me wel.

Dat was de theorie. Nu de praktijk.

Over zo’n lijstje als hierboven, hebben we in de praktijk niet eens na hoeven denken. Als je al zo lang bij elkaar bent als wij, weet je wel dat je dezelfde normen en waarden deelt.

Waar je alleen op voorhand geen idee van hebt, is hoe de ander als ouder zal zijn. Zo had ik gedacht dat ik heel strikt zo zijn en JW heel flexibel terwijl het in de praktijk juist vaak precies andersom is.

Opvoedingsstijl is dus ook een belangrijke pijler

En daar had ik – heel eerlijk gezegd – nog nooit zo over nagedacht. Sterker nog: voor het schrijven van dit artikel heb ik zelfs een beetje research moeten doen naar de verschillende opvoedingsstijlen die er zijn. Er blijken er grofweg 4 te zijn:

  1. De autoritaire stijl: deze stijl kenmerkt zich door veel regels. De ouder is de baas en het kind moet gehoorzamen. De regels worden niet uitgelegd, er is geen ruimte voor discussie en als het kind de regels niet opvolgt, krijgt het straf.
  2. De permissieve stijl: deze stijl gaat over toegeeflijkheid. Kinderen krijgen bijna altijd hun zin en er zijn weinig regels. Ouders hebben veel aandacht voor de wensen en behoeften van het kind.
  3. De autoritatieve stijl: deze stijl noem je ook wel de democratische stijl. Ouders hebben wel degelijk oog voor de wensen en behoeften van hun kind maar stellen ook regels. De regels die er zijn worden uitgelegd met argumenten. Kinderen worden gesteund en aangemoedigd.
  4. De verwaarlozende stijl: daar kan ik me nou weinig bij voorstellen eerlijk gezegd.

Welke opvoedingsstijl het beste bij je past is afhankelijk van jezelf, je eigen opvoeding, waar je kind gevoelig voor is en de situatie in kwestie.

Wat is onze stijl dan?

Als ik bovengenoemde definities zie, dan is onze stijl vooral de autoritatieve stijl. Wij stellen namelijk wel degelijk regels maar zien die als piketpaaltjes waarbinnen Kiki vrij mag bewegen. Wij leggen ook zeker wel uit waarom iets bijvoorbeeld niet mag. Laatst maakte ik eens de fout om ‘daarom’ te antwoorden op Kiki’s vraag waarom ze iets niet mocht. ‘Daarom is geen reden mama.’ Toen ik het nog eens probeerde met ‘Omdat ik het zeg’ maakte ik de zaak alleen maar erger. Maar hé, ik ben ook maar een beginner 😉

En dan heb je ook nog verschillende communicatiestijlen

Ik denk dat daar bij veel ouders de verschillen het duidelijkst te zien zijn. Bij ons in ieder geval wel. Wij zijn het namelijk eens over normen en waarden en hanteren dus eigenlijk heel natuurlijk die autoritatieve stijl maar onze manier van aanspreken verschilt soms als dag en nacht.

Weer een voorbeeldje:

We probeerden Kiki zindelijk te krijgen. ’s Ochtends kroop ze als ze wakker was vaak nog even bij ons in bed. Na een tijdje kon JW dan bijvoorbeeld zeggen: ‘Kom Kiki, je gaat nu plassen.’ terwijl ik had kunnen zeggen: ‘Zullen we doen wie het eerste bij de wc is?’

JW houdt van duidelijkheid en consequent zijn en dat merk je aan zijn manier van aanspreken. Ik op mijn beurt hou ook wel van duidelijk en consequent zijn maar hou misschien meer rekening met de situatie en gebruik graag wat luchtigheid in mijn communicatie. Zeker bij kleine kinderen kan een aanpak die gisteren werkte, vandaag ineens niet meer werken.

Nou is dit maar een simpel voorbeeld maar ik denk dat juist over zo’n communicatiestijl vaak discussies ontstaan tussen ouders. Als de een de ander te toegeeflijk vindt of te star of te … (vul maar in) dan zit ‘m dat denk ik niet in de normen en waarden en ook niet in de opvoedingsstijl maar meer in de communicatiestijl.

Hoe zit dat bij jou? Of bij jullie eigenlijk?

Herken jij daar iets in? Zijn jij en je partner daar bewust mee bezig en heb je daar ook weleens discussie over? Dat zou ik nou graag eens willen weten. Deel je jouw ervaring?

Volg mij ook op social media!

Schrijf een reactie