Zowel jij als je kind zijn er op enig moment zeker aan toe: de basisschool. Ik weet nog dat ik aan de ene kant stond te juichen toen de eerste schooldag aanbrak maar tegelijkertijd moest ik ook een paar traantjes wegpinken.

Vergeleken met de peutertijd verandert er behoorlijk wat als je kind eenmaal naar school gaat. Ik heb geprobeerd een lijstje te maken van de dingen waar ik als moeder zelf aan moest wennen.

Loslaten

Natuurlijk kies je de school met zorg uit en weet je dat je kind in goede handen is. Maar die allereerste keer je kind achterlaten bij ‘vreemde’ kindjes valt niet mee. En ook als je kind een keer zijn of haar dag niet heeft, zul je nog vaak de neiging hebben om toch nog even een keer terug de klas in te lopen voor een extra knuffel.

Je bent niet meer zo nodig

Het omgekeerde was ook waar. Daar waar jij denkt dat je kind zich misschien wel overstuur ter aarde stort in de wetenschap dat jij weer naar huis gaat na het wegbrengen, kan het ook zomaar zijn dat hij of zij zegt ‘Doei mam, je kunt wel gaan hoor!’ Au!

Je dagritme verandert

Af en toe loop ik – op laten we zeggen een dinsdagochtend- door de stad en dan zie ik moeders met peuters in de buggy boodschapjes doen. Goh, das war einmal. Die dagen waarbij je ’s ochtends wel zou zien wat de dag zou brengen. Nu je kind op de basisschool zit zijn ritme en regelmaat de sleutelwoorden.

Je wordt voor van alles gevraagd

In de eerste schoolweek glimlach je nog naar de juf als ze naar je toe komt. Na een paar weken denk je ‘O jee, waar zou ik nu weer voor nodig zijn?’ Natuurlijk is dat wat overdreven maar ben er wel op voorbereid dat ‘ouderparticipatie’ belangrijk is op de basisschool. En dus meld je je aan als overblijfmoeder, voorleesmoeder of luizenmoeder. Of je begeleidt een groepje kinderen op een speurtocht. Of je rijdt mee naar de bibliotheek voor een excursie.

De juf wordt ziek

En dan gebeurt het dus dat je ’s ochtends op school komt en er ineens een wildvreemde juf of meester in de deuropening van de klas staat. Laat het los, laat het gaan. In de praktijk blijken kinderen het hartstikke leuk te vinden want nu zijn er dingen die die vreemde juf niet weet en waar zij zelf bij kunnen helpen. Al is het maar de namen van alle kindjes leren kennen.

Speelafspraakjes

Oei, soms denk ik dat ik daar nog steeds aan moet wennen. Kiki speelt vaak bij andere kindjes en er spelen ook vaak andere kindjes bij ons. Maar de eerste keer dat andermans kind bij jou in huis op de bank gaat springen of zelf alle kastdeurtjes opentrekt op zoek naar snoep, is toch best een beetje vreemd. En ja, zeg het toch maar dat jij dat liever niet hebt want anders is het einde zoek 😉

Contacten met andere ouders

Al in de eerste week ging ik naar een kennismakingsavond waar een quiz gehouden werd om andere ouders te leren kennen. De volgende ochtend loop je dan toch net wat relaxter over het schoolplein als je af en toe al iemand kunt groeten die je ‘kent’. Maar zonder gekheid: je leert snel andere ouders kennen. Zeker als de kinderen bij elkaar spelen. En op ‘onze’ school zijn dat kinderen van allerlei verschillende afkomsten en milieus. Superleuk!

De vraag ‘Hoe was het op school?’

Ik tuin er nog regelmatig in. Onderweg naar huis vraag ik al ‘Hoe was het op school?’ Het antwoord: ‘Leuk.’ ‘Wat heb je allemaal gedaan?’ ‘Dat weet ik niet meer.’ Gelukkig komen er in de loop van de dag of anders op andere momenten wel hele verhalen los. Maar reken er niet op dat je kind wel even een chronologische samenvatting van de dag geeft zodra de schoolbel gegaan is. Tip: vragen wat het leukste was dat ze die dan gedaan hebben biedt vaak wel opening voor een gesprek.

Er zijn regeltjes voor de lunch en het tienuurtje

Bij ons op school moeten de kinderen van dinsdag tot en met donderdag fruit meenemen als tussendoortje. Op zich prima, maar je moet je er wel regelmatig van bewust zijn wat je in die trommeltjes stopt.

Anderen gaan hun mening over jouw kind ventileren

Misschien zat je tot en met de peuterfase nog altijd een beetje in een bubbel. Medewerkers op het kinderdagverblijf gaven ook weleens hun mening over jouw kind maar die verzorgden nog vooral. Nu moet je een paar keer per jaar op ‘tienminutengesprek’ en hoor je van een professional waar jouw kind in voorloopt (prima, trots) of wat hij nog moet ontwikkelen. Dat is even wennen.

Clubjes en vriendenboekjes

Met de basisschool komt ook het tijdperk van de clubjes. De naschoolse activiteiten dus. En het aanbod voor kleuters is vaak zo leuk! Mijn tip is om je kind niet als een gek aan allerlei clubjes deel te laten nemen. Kiki turnt op woensdagmiddag en heeft zwemles op zaterdagochtend en dat is meer dan genoeg. School is op zich al vermoeiend en je wilt dat ze ook een of meerdere keren per week lekker kan spelen met een vriendje of vriendinnetje.

En wat had ik me toch voorgenomen om het vriendenboekje tot groep 2 of 3 te laten wachten. In ieder geval tot ze er een beetje zelf in zou kunnen lezen. Dat mislukte dus al snel. Als jouw kind wel in de vriendenboekjes van een ander mag schrijven maar jij hebt er zelf geen ….. En dus vullen er vast heel wat ouders de obligate vragen voor hun kroost in. Wat lust je wel? Pannenkoeken. Wat lust je niet? De rest. Ik vind jou lief omdat ….. we altijd zo leuk samen spelen. Of woorden van gelijke strekking 😉

Herkenbaar? Of heb jij nog aanvullingen? Ik hoor ze graag!

Volg mij ook op social media!

Schrijf een reactie